De non-kandidaat

De Telegraaf blogt vrijwel dagelijks over de Amerikaanse verkiezingen tijdens de hete fase van de strijd tussen Obama en Romney. Met dank aan De Telegraaf plaatsen we deze blogpost.

We bevinden ons op de 34e verdieping van het hypermoderne gebouw van Bloomberg LLP, het mediaconglomeraat, in hartje Manhattan. Achter ons een glazen muur met een landschap van wolkenkrabbers. Voor ons staat de politieke adjudant van Michael R. Bloomberg, burgemeester van New York. Met een geschat vermogen van 25 miljard euro staat Bloomberg tiende op de lijst van rijkste Amerikanen.

De 70-jarige burgemeester legt met gemak een miljardje neer voor een verkiezing, het bedrag dat de arme sloebers Obama en Romney na veel zwoegen hebben ingezameld. Kiezers voelen zich goed bij Bloomberg: hij is aan niemand iets verschuldigd en kan zich volledig en in alle onafhankelijkheid richten op zijn taak.

Na twee succesvolle termijnen als burgemeester verschafte Bloomberg zich drie jaar geleden toegang tot een hoogst ongebruikelijke derde termijn. Hij deed dat door met een beroep op de financiële crisis de gemeenteraad de bestaande termijnbeperkingen op te laten schorten. Alleen met Bloomberg zou de stad de crisis doorkomen. Tweeënvijftig procent van de kiezers bleek het met hem eens.

Vorig jaar overwoog Bloomberg serieus een kandidatuur voor het Amerikaanse presidentschap. De ontevredenheid met Republikeinen en Democraten is groot. Uiteindelijk deinsde Bloomberg er voor terug. Hij vreesde de veerkracht van het tweepartijensysteem; Obama had een opleving; en er was twijfel of Amerika klaar is voor een Joodse president.

Op de 34e etage voel je het duidelijk: spijt. Bloomberg weet het: net als in New York drie jaar terug bestaat er nu een schreeuwende behoefte aan een leider die het land uit het slop helpt. Een type Bloomberg, dus. Hij had de kans, maar heeft hem niet gegrepen. En dat zit de self-made miljardair niet lekker.

Deze blogpost verscheen eerder op Telegraaf.nl.

Hans Anker
Hans heeft onderzoek- én advieservaring in meer dan vijftig landen. Hij adviseerde toppolitici (waaronder president Clinton en minister-president Kok), CEO’s en NGO’s. Na een vierjarig verblijf in Washington DC en een negenjarig verblijf in New York, vestigde Hans zich in Nederland. Op dit moment adviseert hij onder meer de Raad van Bestuur van de Publieke Omroep (NPO), de leiding van het NOC*NSF en voorzitter Alexander Rinnooy Kan van het Goede Doelen Platform over de toekomst van de kansspelen. Recentelijk was hij actief in campagnes in Zweden en de Filippijnen. Hans studeerde politicologie aan de universiteiten van Amsterdam en Michigan, en promoveerde in 1992 op het proefschrift ‘Normal Vote Analysis’.