Alweer een debat

Voor ik drie maanden geleden hierheen kwamen had ik visioenen van pubs vol opgewonden fans en vlaggetjes, campagnekantoren vol vrijwilligers en campagnestaf in Obamashirts. Niets is minder waar. Bij debat nummer drie  wordt er gewoon gewerkt. Met nog twee weken te gaan is het duel tussen Romney en Obama een onwelkome onderbreking voor het werk dat nog gedaan moet worden.

De cafés zijn leeg, de kantoren zijn vol. Bleke gezichtjes met diepe, getekende wallen, gehuld in afgeleefde spijkerbroeken (these are my Octoberpants) en vale t-shirts. Comfort before fashion. Driekwart van mijn in Amsterdam zo zorgvuldig uitgekozen garderobe is volkomen onbruikbaar. Ik heb het een week volgehouden; volkomen overdressed kantoor binnen komen. Maar de charme van campagne-chique is dat het niemand interesseert hoe je er uit ziet als je je maar inzet voor de president. Sterker nog; hoe slechter je er uit ziet, hoe beter.

De anderhalf uur durende – oersaaie – werkonderbreking op het hoofdkantoor Pennsylvania in Philadelphia gaat gepaard met geschreeuw, boegeroep en gejuich. Maar het mist de energie van het eerste en het tweede debat. Sommigen luisteren mee vanachter hun computer terwijl de aanhoudende stroom mails wordt beantwoord, anderen rapporteren de data van de laatste diensten. Af en toe loopt er iemand binnen, de internetclub kijkt mee vanachter de computer. Ook Twitter is niet zo opwindend als de vorige keren. Geen big birds, geen binders full of women. Zelfs de debatfeestjes voor de vrijwilligers in de veldkantoren zijn geminimaliseerd.

Alle aandacht gaat nu uit naar de voorbereidingen van de Get Out The Vote Operatie. In Pennsylvania gaat het om de 13 uur op E-day, zoals ze verkiezingsdag hier liefkozend noemen. Er kan niet, zoals in sommige andere staten, eerder gestemd worden. We hebben 13 uur om zoveel mogelijk mensen naar de stembus te krijgen. Elk staflid, elke vrijwilliger wordt vanaf dag 1 voorbereid op de Grote Dag. Ik weet inmiddels van minuut tot minuut wat er gaat gebeuren op 6 november, van de eerste wake-upcalls om 5 uur ‘s ochtends tot de laatste rapportage om 10 uur ‘s avonds. En al ken ik het schema, ik neem het morgen weer door, en de dag erna, en de dag erna weer.

Work hard, play not. Dat is de mentaliteit. Drie maanden geleden vond ik het nog hysterisch overdreven en snakte ik naar een goede avond doorzakken met collega’s. Veel te serieus allemaal. Twee weken voor de einddatum wil ik alleen nog maar winnen. Het bier komt later wel. En twee mannen die elkaar anderhalf uur op televisie bevechten, het zal wel, we hebben hier nog werk te doen.

Laila Frank
Laila is Amerika-kenner, politiek strateeg en campagneveteraan. Als freelance journalist verschijnt ze onder andere in De Groene Amsterdammer en Bernie Magazine en op NOS Radio. Voor het National Democratic Institute geeft ze campagnetrainingen. Mooiste klus ooit: Field Organizer voor de Obama-campagne in Philadelphia in 2012. Ze woont en werkt afwisselend in Los Angeles en Amsterdam.