Werkt brainstormen wel?

Foto: Pixabay.

Je zit met vier mensen bij elkaar. Hoopvol. Druk schrijvend op post-its van groen, roze en geel. De vierkantjes worden geplakt op een groter vel, waarvan Piet Mondriaan denkt: what de fuck.

En jij denkt eigenlijk hetzelfde. Want: werkt brainstormen wel? Gelukkig ben je daarin niet alleen, want er broeit wat in brainstormland. Er zijn fanaten en boe-roepers.

Alex Osborn, voorstander, schreef in 1948 Your Creative Power. De volprezen brainstormbijbel. Bol met quotes zoals: “The more you rub your creative lamp, the more alive you feel.” Gatver. Osborn is ook de bedenker van de term brainstorm. De gedachte achter deze term is het bestormen van een probleem. Als een cavalerie.

De kern van zijn bedenkfilosofie: geen gemaar en al helemaal geen kritiek. Razend populair is zijn aanpak. Al in 1958 werd deze aanpak onderzocht door onderzoekers van Yale University. 48 mensen in groepjes van vier werden vergeleken met mensen die in hun uppie ideeën bedachten. Je voelt ‘m misschien al aankomen: de mensen die alleen werkten, kwamen met twee keer zoveel oplossingen.

We maken een tijdsprong: in 2003 kwam Charlan Nemeth – van de University of California – met een andere conclusie. De stelling was: hoe los je het fileprobleem op in San Francisco? Drie groepen. De eerste groep deed het volgens de methode van Osborn. Geen maars. Groep twee kreeg een debatstructuur mee. Ze moesten per se elkaars ideeën negatief bekritiseren. De laatste groep kreeg geen regels mee. Brons was voor de structuurloze groep. Zilver voor de positivo’s en goud voor de criticasters.

En dit brengt ons weer bij 2017. Een grote groep is kamp-Osborn: geen gemaar, iedereen moet zeggen wat hij of zij wil. Van stagiairs tot aan de directeurs. Het hoogste doel is: zoveel mogelijk ideeën bedenken, want kwantiteit zorgt voor kwaliteit. Het liefst bedenken mensen eerst met zichzelf ideeën en scherpen die daarna aan en groupe. Zonder ook maar één keer te zeggen dat iets een flutidee is.

Tegenstanders zeggen juist: nee, je moet elkaar in de haren vliegen. Want alleen zo maak je van matige ideeën zelfrijdende auto’s. Conflict en kritiek zorgen ervoor dat je dieper nadenkt. Brian Uzzi, socioloog, vult dit idee aan. Hoe beter je je brainstormkompanen kent, hoe kritischer je kan zijn, hoe beter het resultaat.

En hier komt mijn mening om de hoek kijken. Ik denk dat je per vorm moet kijken wat het beste werkt. Als wij met BKB voor het eerst brainstormen met onbekenden, dan ga je niet bij elk idee dat zij bedenken kotsgeluiden maken. Dan werkt Osborns aanpak beter. Als we dan eenmaal met collega’s een concept gaan uitwerken, dan stappen we op onze paarden en spelen we de Battle of the Bastards na.

André van Duin zou zeggen: Cavalerie klaar? Bestormen maar!