Onderzoeksjournalistiek wordt schaars, dat kan anders

Als ik tegenwoordig achter een bureau zit heb ik meestal drie, vier en in een enkel geval vijf, laptops om me heen staan. Ik stel me zo voor dat mijn huid over een jaar zilvergrijs is van al dat artificieel beeldschermlicht dat mijn gezicht van alle kanten bestraalt. Om de zoveel minuten draai ik mijn stoel en ga ik aan een andere, de volgende, laptop werken. Het is als het alarm van de zonnebank, dat je om de vijf minuten van positie laat veranderen, zodat je huid overal even vies bruin wordt.

De verkleuring van mijn huid tot een soort silver surfer heb ik er echter graag voor over, want ik heb een droombaan als datajournalist bij de Volkskrant. Ik mag diepgravende onderzoeksjournalistiek bedenken, uitvoeren en publiceren. Soms lukt het om daarmee iets te bereiken. Zoals Kamervragen, politici die in opspraak raken, miljardenprojecten die worden heroverwogen, of simpelweg een lezer die iets wijzer wordt.

Het is een ongelofelijke luxe positie en daarom werk ik me af en toe met liefde kapot. Als ik zo’n kans krijg, then, of course, I’ll go the extra mile. De enige journalisten die ik ken die ook zo’n vrijheid genieten hebben hun strepen na vele jaren verdiend. En ze zijn op één hand te tellen. De Volkskrant is een geweldige krant, die haar best doet om onderzoeksjournalistiek mogelijk te maken, maar onderzoeksjournalistiek is duur. Vaak te duur. Onderzoeksjournalistiek kost tijd. Vaak teveel tijd.

Maar onderzoeksjournalistiek is zó belangrijk.
Kortgeleden mocht ik deelnemen aan een tweedaagse conferentie van de UNDP over corruptie in voormalige Sovjetlanden. Twee dagen lang hoorde ik slecht vertaalde, staccato uitgesproken discussies tussen Roemenen, Moldaven, Serviërs, Oekraïners en Georgiërs. De stemmen waren zwaar, de hoofden leken wel uit staal gebeiteld. Het ging over wetgeving, over de Belastingdienst, over hogere salarissen maar vooral ook: over de media. Het waren vaak de media die de grootste schandalen in deze landen boven tafel kregen. En naast betere wetgeving, waren het de media waar men het meeste van verwachtte. De media als vierde macht, en dat is in Nederland niet anders.

Samen met Huub Schuijn (ook BKB) en Erik Hormes ben ik op zoek gegaan naar een manier om onderzoeksjournalistiek minder ‘luxe’ te maken. Let’s make the world a better place. Dus: alle onderzoeksjournalistiek die het waard is, moet gemaakt worden.

Klinkt goed, maar hoe?
Het antwoord is te vinden in twee buzzwords: crowdsourcing en crowdfunding. Wij willen iedereen de mogelijkheid bieden om onderzoeksjournalistieke ideeën aan te dragen. Zodat over alle ideeën wordt nagedacht. Wij geven iedereen de mogelijkheid die ideeën omhoog en omlaag te stemmen. Zodat de beste ideeën komen bovendrijven. En we willen iedereen de mogelijkheid geven een kleine bijdrage te leveren om het onderzoek te financieren. Zodat we voor de onderzoeken die de crowd het waard vindt, middelen kunnen vrijmaken.

De meeste verhalen, en al het nieuws, is gratis te vinden op het internet. Maar het verhaal van morgen nog niet. Wij denken dat mensen daar – ook in het huidige, verwende, tijdperk van een overload aan free shit op het net – voor willen betalen.

Yournalism
Ons project heeft de werknaam Yournalism. En wanneer we het af hebben – geef ons nog een paar maanden – kan iedereen meebeslissen over onderzoeksjournalistiek. En kan iedereen met een kleine bijdrage de onderzoeken die zij zelf het uitzoeken waard vinden werkelijkheid zien worden. Zodat we niet alleen kunnen stemmen op de wetgevende macht en de controlerende macht maar ook op de vierde macht. En zodat iedereen die dat wil een goedkoop doch effectief steentje kan bijdragen aan een betere wereld.

Neem contact met ons op als je ook nu al een steentje wilt bijdragen, en volg ons op twitter. Suggesties, connecties, kritiek: alles is welkom.

Dit verhaal verscheen eerder op www.bkbacademie.nl.