De vijf beste ideeën om onze gedateerde democratie een duwtje in de rug te geven

Hoe ziet de toekomst van onze democratie eruit? Moeten we voortaan ons parlement kiezen op basis van loting of moeten we ons laten besturen door kunstmatige intelligentie? Willard Bouwmeeser bespreekt de vijf beste ideeën die ter sprake kwamen tijdens een sessie van de BKB Academie.

pen-2181101_960_720

In de laatste sessie van de 17e BKB Academie werden we bij Gerdi Verbeet en haar man Wim Meijer uitgenodigd om te discussiëren over de toekomst van onze democratie. Er werd veel gezegd en geschreven, zoals er wel meer gezegd en geschreven is over dit onderwerp. Er zijn enórm veel ideeën om onze vastgeroeste democratie een fris duwtje in de rug te geven. Omdat ik van lijstjes houd, heb ik mijn vijf favoriete opknapbeurten op een rijtje gezet en mijn eigen deskundige oordeel gegeven.

*Disclaimer: het eindcijfer van elke optie is gebaseerd op een totaal onwillekeurige combinatie van haalbaarheid, geloofwaardigheid, originaliteit en de verbetering ten opzichte van de huidige democratie.

Een schaduwparlement op basis van loting

Deze optie kwam geregeld terug in het gesprek met Gerdi Verbeet. David van Reybrouck pleit in het boek Tegen verkiezingen voor een loting die burgers aanwijst om zitting te nemen in het landelijk bestuur als alternatief voor de rituele gang naar het stemhokje. Zo’n alternatief bestuur op basis van loting zou kunnen bestaan naast ons reguliere parlement. Volgens van Reybrouck heeft een volksvertegenwoordiging op basis van loting voordelen: het zorgt voor een betere afspiegeling van het volk, en de volksvertegenwoordiging wordt niet afgeleid door opiniepeilingen en aankomende verkiezingen. Bovendien vermijd je dat mensen die contacten, geld en diploma’s hebben méér te zeggen krijgen dan de anderen.

Mijn oordeel

Als alternatief naast een gekozen parlement zou een parlement op basis van loting een enorm goede optie zijn. We zien gekozen verkiezingen vaak als de ultieme vorm van democratie, maar we zijn tevens geneigd om te vergeten dat we al drieduizend jaar aan democratie doen, maar nog maar tweehonderd jaar aan verkiezingen. Op kleinere schaal – in steden als Utrecht bijvoorbeeld – worden er al experimenten gedaan om burgers te laten meebepalen over beleid op basis van loting. Deze initiatieven zijn veelbelovend. Toegegeven: er zitten nog behoorlijk wat haken en ogen aan het plan, maar het idee is in theorie een aanwinst op onze huidige democratie.

Eindcijfer: 8/10

Kunstmatige intelligentie bepaalt jouw stem
Louise O. Fresco is – in mijn ogen – een van de meest prikkelende denkers van vaderlandsche bodem. Recentelijk vroeg ze zich af wat er zou gebeuren als we democratische verkiezingen zouden vervangen door een systeem van kunstmatige intelligentie. Zo’n systeem gebruikt de voorkeuren die van alle burgers zijn opgeslagen: wat ze lezen, schrijven, eten, met wie ze omgaan, waar ze vaak komen, wie ze goedkeuren en afkeuren. Aan de hand van een analyse van deze aanhoudende datastromen, kan een intelligent systeem uiteindelijk politieke voorkeuren bepalen. De mogelijkheid daarvoor is volgens Fresco veel minder ver weg dan het lijkt.

artificial-intelligence-2167835_960_720

Om het gedachte-experiment compleet te maken, gaat Fresco nog iets verder. Ze vraagt zich af of we de hele regering niet door een programma van kunstmatige intelligentie moeten vervangen. Nu al beschikken we over snelle zelflerende programma’s. Daarmee worden alle relevante beslissingen uit het verleden in alle landen geanalyseerd, om af te leiden wat in gegeven omstandigheden het beste resultaat geeft: de rente omlaag, belasting op vervuiling omhoog, softdrugs vrij geven, huursubsidies afschaffen, een oorlog beginnen – of juist niet. Je hoeft de president of premier niet te vervangen door een robot met metalen stem, de identificatie met een concrete persoon kan blijven bestaan, al zal zij/hij alleen tot ons komen in virtuele vorm.

Mijn oordeel
Vooropgesteld: het gedachte-experiment van Fresco is gigantisch interessant. En deze mogelijkheid kan technisch gezien wel eens dichterbij zijn dan we nu vermoeden. Kunstmatige intelligentie in combinatie met lokaal engagement zou wel eens de nieuwe vorm van volksraadpleging kunnen worden. Ooit. Want voor nu is de optie nog toekomstmuziek. Digitalisering die de democratie vervangt, roept al snel Orwelliaanse angsten op. Ook al is het technisch mogelijk, dan nog is het zeer waarschijnlijk dat een groot deel van de bevolking er fel op tegen is.

Eindcijfer: 3/10

Vloeibare democratie
Vooruit, ik neem Thierry Baudet ook mee in dit blog. De voorman van Forum voor Democratie pleit hartstochtelijk voor een drastische uitbreiding van referenda zodat het volk veel meer directe invloed heeft bij politieke besluiten. Dit lijkt op wat in wetenschappelijke kringen ‘vloeibare democratie’ wordt genoemd. In een vloeibare democratie mogen burgers op elk onderwerp kiezen of ze zelf meestemmen, of hun stem afgeven aan een afgevaardigde.

Mijn oordeel
Ik zie dit niet snel gebeuren. Mensen zijn niet geïnteresseerd genoeg om overal een gefundeerde mening over te hebben. Stel, er is een referendum over de legalisering van wiet. Om de voor- en nadelen goed af te wegen, moet je behoorlijk veel weten. Je moet kennis hebben van criminologie, van de economie van de zwarte markt, van andere landen waar drugs zijn gelegaliseerd of juist niet, et cetera. Een referendum vereist kennis en de meesten van ons beschikken helaas niet over die kennis. Veel mensen zullen kiezen om hun stem af te geven aan een afgevaardigde en tsja, dan verandert er niet zoveel.

Eindcijfer: 4/10

Geïnformeerde stem weegt zwaarder
De slecht geïnformeerde kiezer zou niet evenveel te zeggen mogen hebben als de goed geïnformeerde kiezer, vindt politiek filosoof Jason Brennan. Klinkt logisch, toch? De Amerikaanse politiek filosoof geldt als expert op het gebied van de ‘ethiek van stemmen’, waarover hij twee boeken schreef, en werkt als professor aan de Georgetown University. De titel van zijn laatste boek laat weinig te raden over de kern van zijn betoog: Against Democracy, tegen democratie. Volgens Brennan ligt het probleem van de democratie bij de kiezers. De beleidsvoorstellen van de kandidaten moeten de gemiddelde stemmer aanspreken en die gemiddelde stemmer is slecht geïnformeerd. Volgens hem is dat geen elitair waardeoordeel; we weten dat uit talrijke studies. We weten ook uit studies dat mensen anders stemmen als zij beter geïnformeerd zijn. Daarom moeten geïnformeerde stemmen zwaarder wegen. Hoeveel zwaarder? Het stemrecht wordt bijvoorbeeld alleen verstrekt als je er blijk van geeft te beschikken over enige politieke kennis. Of iedereen behoudt stemrecht, maar de groep van goed geïnformeerde mensen krijgt een extra stem.

Mijn oordeel
Ik vond het boek van Brennan een enorm interessant gedachte-experiment, maar de grootste crux zit hem in twee dingen. Enerzijds het feit dat een bepaalde bevoorrechte groep (lees: de blanke, hogeropgeleide mannen) wordt bevoordeeld en nog meer invloed krijgt dan ze nu al hebben. In iedere samenleving zijn nu eenmaal de meer bevoorrechte mensen beter geïnformeerd dan de minder bevoorrechte mensen. Maar, zo stelt Brennan, we moeten dat effect niet overdrijven. In een democratie is deze groep ook al meer geneigd te stemmen.

Een ander groot probleem van dit idee zit hem in de praktische haalbaarheid. Hoe gaan we ooit testen of iemand een ‘geïnformeerde kiezer’ is? Volgens Brennan ligt dat nog open. We kunnen bijvoorbeeld een basistest doen, met vragen als: wie is de premier? Welke partij is op dit moment de grootste in de Tweede Kamer? Een andere optie is om te schatten hoe hoog het werkloosheidspercentage ligt of hoeveel geld wordt besteed aan sociale zekerheid of buitenlandse hulp. Uit studies blijkt namelijk dat je stemgedrag verandert als je het antwoord weet op dergelijke vragen. Leuke opties, maar nog niet goed uitgedacht. Dat kost punten. Bovendien legt het systeem van Brennan een bom onder onze fundamentele democratische aanname: dat iedereen een gelijk recht heeft om te stemmen. Toch denk ik wel dat de ideeën van Brennan toekomst hebben (of wil ik dat als politiek junkie alleen maar?).

Eindcijfer: 6/10


Meer macht naar steden en burgemeesters

Natiestaten zijn passé. Althans, dat is de visie van politiek wetenschapper Benjamin Barber. Problemen zoals klimaatverandering, armoede, en terrorisme zijn mondiaal en te groot voor natiestaten om te behappen. Volgens Barber ligt de oplossing juist op kleinere schaal: bij steden en burgemeesters. In If Mayors Ruled the World stelt de politiek wetenschapper dat steden enorm veel potentie hebben om belangrijke globale problemen aan te pakken. En belangrijker: dat in werkelijkheid al doen. Burgemeesters bevinden zich op een lokaal machtsniveau dat zich dicht genoeg bij de burgers bevindt om veel minder gevoelig te zijn voor ideologische uitwassen dan het nationale niveau, gelooft Barber.

Steden zijn veel pragmatischer. In zijn ogen moeten steden veel meer bewegingsruimte moeten krijgen, zowel op financieel als op juridisch gebied. In zijn boek pleit hij voor de oprichting van een wereldwijd parlement van burgemeesters met driehonderd zetels. De deelnemende steden wisselen voortdurend en het parlement komt drie keer per jaar samen – er is dus plek voor negenhonderd verschillende steden per jaar. Deelname aan het parlement is vrijwillig en voorstellen moeten goedgekeurd worden in alle drie de jaarlijkse stemrondes. De aangenomen voorstellen zijn niet bindend.

Mijn oordeel
De stad is belangrijker dan ooit. In steden wordt het geld verdiend. Veel wereldsteden hebben het inwonersaantal van een middelgroot land. In Azië en Afrika worden gloednieuwe metropolen uit de grond gestampt. Halverwege deze eeuw woont naar verwachting tweederde van de wereldbevolking in een stad. En terwijl de Unie de Europese nationale politiek reduceert tot een overbodig toneelstukje groeit het belang van de stad als politiek niveau dat nog wél aansluit bij het dagelijks leven van mensen. Bovendien bestaat er ook al een orgaan, vergelijkbaar met het burgemeesterparlement van Barber, het United Cities and Local Governments. Barber noemt de UCLG ‘de grootste en invloedrijkste organisatie waar nog nooit iemand van heeft gehoord’.

Het plan klinkt dus realistisch en wordt grotendeels ook al uitgevoerd. Betekent dit ook dat we binnen afzienbare tijd afscheid nemen van natiestaten? Nee, daarvoor is het een te rigoureuze maatregel. Bovendien schenkt Barber in zijn analyse geen aandacht aan de helft van de mensheid die buiten de stad woont. Toch is de kans groot dat de steden langzaamaan nog groter en belangrijker worden en op den duur zelfs natiestaten verdringen. Zo ver is het echter nog (lang) niet.

Eindcijfer: 8/10

Foto’s: Pixabay.

Naschrift redactie: wil je ook nadenken over de toekomst van Nederland? Durf je groots te dromen? En ben je tussen de 18 en 28 jaar? Meld je dan nu aan voor de 18e BKB Academie.