De politieke erfenis van Liu Xiaobo

De Chinese Nobelprijswinnaar en mensenrechtenactivist Liu Xiaobo is overleden. In gevangenschap in China, het land dat hij wilde democratiseren. Nu probeert de Chinese overheid, naar goed communistisch gebruik, iedere herinnering aan hem uit te wissen. Ze zijn doodsbenauwd voor een nieuwe 4 juni 1989.

Ik was nog geen jaar oud toen het studentenprotest op het Plein van de Hemelse Vrede (Tiananmen) in Beijing vreselijk uit de hand liep. In de stad waar ik deze zomer zit, Hong Kong, wonen veel mensen die niet ouder zijn dan een jaar of twintig en niets hebben meegemaakt van die afschuwelijke 4e juni, 1989.

De Chinese communisten waren het protest van de studenten zat. Er moest een daad worden gesteld. De PLA-soldaten, die absolute loyaliteit zweren aan de Communistische Partij, vermoordden duizenden Chinezen. Ze hadden het lef op vreedzame wijze te protesteren voor vrijheid van meningsuiting, een vrije pers en democratie en daarom moesten ze dood.

Op het Chinese internet, achter de great firewall of China, vind je zonder VPN-verbinding niks over wat er die dag gebeurde op het Tiananmenplein. In Hong Kong wel. Dit is een stad waar de invloed van de Chinese overheid hand over hand toeneemt, maar waar nog wel – formeel – vrijheid van meningsuiting geldt.

Jaarlijks herdenken Hong Kongers, jong en oud, de misdaden van China in 1989. Ze herdachten afgelopen weekend ook de politieke erfenis van Liu Xiaobo, het jongste slachtoffer van de Chinese dictatuur. Met duizenden tegelijk hielden ze een stille tocht, iets wat onmogelijk is in mainland China. Een mooie actie, en hard nodig ook.

Liu Xiaobo werd in 2009, twintig jaar na Tiananmen, veroordeeld tot elf jaar celstraf, omdat hij in een lezenswaardig document pleitte voor hervorming van het politieke stelsel van China. Dat vond de overheid niet oké. China is sinds de gewelddadige machtsgreep in 1949 een éénpartijstaat waar de Chinese Communistische Partij het voor het zeggen heeft.

Iedereen weet wat een éénpartijstaat betekent: alleen Mao Zedong – je weet wel, die man die op t-shirts staat van onwetende jongens en meisjes in het Westen – heeft al 78 miljoen doden op zijn geweten. Iedereen die een bedreiging vormt voor de communisten, werd – en wordt – uit de weg geruimd. Zo ook Xiaobo. Hij is nu niet alleen dood, iedere blijvende herinnering aan hem moet verdwijnen.

De Chinese Communistische Partij is doodsbenauwd dat er een nieuwe oproer ontstaat, dat te veel Chinezen naar een échte democratie verlangen, zonder censuur en zonder de permanente angst opgepakt te worden voor thought crimes en te worden vermoord voor hun organen.

Xiaobo schreef Charter 08, een mini-handvest hoe China zou moeten democratiseren. Er staan weinig gekke dingen in; voor ons westerlingen lijkt Xiaobo’s verhaal over democratie, vrijheid en mensenrechten de normaalste zaak van de wereld. Helaas was het voor China een reden om hem op te sluiten en hem dood te laten gaan in gevangenschap, ondanks talloze verzoeken om hem vrij te laten, bijvoorbeeld voor medische hulp in het buitenland.

Xiaobo kreeg in 2010 de Nobelprijs voor zijn vreedzame strijd voor mensenrechten in China. Een prijs die hij nooit in ontvangst heeft kunnen nemen omdat hij gevangen zat. We mogen Xiaobo en zijn politieke erfenis niet vergeten. Laten we de herinnering aan hem levend houden. Laten we niet alleen Charter 08 lezen, maar laten we het steeds weer verspreiden. Ooit moet China veranderen.

Foto: keriluamox / Wikimedia Commons.